De moeder van Maarten Biesheuvel was een Vreugdenhil

maarten_biesheuvel_001De Boekenweek (8 t/m 16 maart jl.) ligt weer achter ons. En de vraag is of uw liefde voor het lezen is toegenomen, want daar streeft de Stichting Collectieve Propaganda voor het Neder-landse Boek toch naar, onder meer door bij aankoop van een boek een cadeautje ter beschikking te stellen in de vorm van een speciaal geschreven boekwerkje.

Ditmaal ging het over reizen en was het geschreven door de populairste schrijver van 2013, Tommy Wieringa. Ooit schreef ook Maarten Biesheuvel wiens moeder een Vreugdenhil (K IX b.2) was, zo`n Boeken-weekgeschenk . Dat was in 1988 en de titel luidde: ‘Een overtollig mens’.

De eerder genoemde Stichting is ook de initiator van de campagne Nederland leest, in het kader waarvan vorig najaar  bij de Nederlandse bibliotheken ‘Erik of het klein insectenboek’ kon worden afgehaald.

Dit boek was geschreven door Godfried Bomans van wie wij ons een vertelling uit een ander boek van hem herinneren waarin hij zijn lezers voorstelt aan twee mannen op (hoge) leeftijd. De een is bijna 100 jaar oud en klimt hijgend een aantal trappen op om de ander die op die dag 100 jaar oud is geworden en die op zolder  aan de ringen hangt om een vogelnestje te maken, te feliciteren met zijn verjaardag.

Als ze elkaar begroet hebben zegt de jarige tegen de inmiddels op adem gekomen gast: ”Ik dank je voor je komst en wens jou ook het allerbeste toe. Maar je moet je wel realiseren dat je me nooit van z`n leven meer inhaalt. En als je naar het geheim vraagt van hoe een mens zo oud kan worden, dan heb ik maar één antwoord:`Ademhalen en stug blijven ademhalen’”.

Tja, was het maar zo simpel, zeggen wij terecht. Maar toch moeten we aan Bomans uitspraak denken als er weer iemand het gepresteerd heeft om de 100 jaar te bereiken.

Ineke Vreugdenhil “Mijn droom voor ons land”

ineke_vreugdenhil_002.png
5 september 2013: Een zonovergoten dag! koning Willem-Alexander en Koningin Maxima

Het begon in het voorjaar van 2013: een droom opschrijven en verzenden, en dan later in het jaar ontdekken dat je droomnummer 2707 bent.

Het is oud nieuws, toch weten veel  Vreugdenhillen niet dat ik, Ineke Vreugdenhil (K XI an.1) mee heb geschreven aan het boek ‘Dromen voor de koning’ dat is uitgegeven ter inspiratie voor de koning.

In dit boek,  ‘MIJN DROOM VOOR ONS LAND – Inspiratie voor de koning’, staat mijn droom op blz. 65 rechtsboven. Ook worden alle droominzenders nog een keer vermeld in alfabetische volgorde op de twee eerste en twee laatste bladzijden. Persoonlijk vind ik het een eer om in een oplage van 1,5 miljoen te staan en op alle ambassades in de wereld ons land te vertegenwoordigen.

Hoe verrast was ik toen ik op 2 juli 2013 een e-mail kreeg met het bericht dat ik uit 6900 inzendingen vanuit Nederland en Caribische gebieden was  uitgekozen. Een gedeelte van mijn droom was geselecteerd voor het boek, samen met 299 andere schrijvers/schrijfsters. Daarbij ook de officiële uitnodiging om bij het overhandigen van het boek aan koning Willem-Alexander aanwezig te zijn op het paleis Het Loo in Apeldoorn op 5 september 2013. Wat het extra leuk maakt, is dat deze droom ook werkelijkheid is geworden: de Koningsspelen op school zijn ook dit jaar gerealiseerd. Samen met mijn oudste zoon ben ik afgereisd naar Apeldoorn. Bij aankomst op het paleis Het Loo is de eerste indruk: heel veel media. Na een aantal controlepunten, wordt ons iets te drinken aangeboden in de Prins Hendrik garage. Vandaar gaan we naar de overdekte ruimte tussen de twee paardenstallen. Veel mensen zijn bezig met de voorbereiding van de tv-uitzending. Het koninklijk paar arriveert wat later dan het draaiboek aangeeft. Nadat  koning Willem-Alexander het boek in ontvangst heeft genomen, worden de deuren van de paleistuin geopend. Hier is de buiten-tentoonstelling: in een boekvorm volgen achter elkaar  gedeelten uit het boek als wapperende vlaggen.

Het koninklijk paar wandelt  door deze laan en vervolgens worden we verwacht in een zaal voor een hapje en een drankje. Op het terras gaan koning Willem-Alexander en koningin Maxima in gesprek met  vooral de jonge inzenders van dromen.  Als de koning en koningin zijn vertrokken, gaan de meeste genodigden huiswaarts. Wij hebben nog een rondje gemaakt door de tuin. Bij vertrek kregen we allemaal het boekje ‘Mijn droom voor ons land’ overhandigd. Voor alle inzenders en dus ook voor mij is dit hét moment: onze droom gedrukt  te zien in deze speciale uitgave!

Een mooi slot aan een onvergetelijke dag!

Ineke Vreugdenhil (K XI an.1)

ineke_vreugdenhil_003
Ineke Vreugdenhil K XI an.1

Ineke Vreugdenhil, 1957, Waddinxveen
Na haar huwelijk in 1979 gaan varen en nog datzelfde jaar betrokken geraakt bij een ernstig ongeluk op de Maas. Ineke is daarbij onder de duwbak terecht gekomen en heeft het wonder boven wonder overleefd. Het ongeluk heeft een grote invloed op haar leven gehad, veel later benoemd als P.T.S.S.

Ineke heeft drie volwassen kinderen: twee zonen en een dochter en woont nu in Rotterdam-Zuid. Zij schrijft: “Op dit moment werk ik erg hard om van mijn trauma af te komen. Ik heb geen relatie meer, wel een oprechte vriendenkring. Aan de kerk draag ik ook mijn steentje bij en ik maak vrijwillig schoon in een bijgebouw van de kerk”. Ben vrijwilligster bij Technika10

www.technika10rotterdam.nl

Ondertrouwkaart van Jacob en Arendje Vreugdenhil

jacob_en_arendje_vreugdenhil_001Van Lenie van Beesten-Verhoeff kregen we een kopie van de ondertrouwkaart van haar overgrootouders met daarbij de volgende informatie.

“Uit de oude doos van mijn moeder, Rens Bakker-Vreugdenhil, een kopie van de ondertrouwkaart van mijn overgrootouders Jacob en Arendje (K IX f).  De naam Jacob komt veel voor in onze tak: mijn grootvader heette Jacob Pieter Christiaan Vreugdenhil (K X p), daar is de naam Jaap uit voortgekomen.

Een paar van  mijn ooms heette Chris en Jaap en ook een heel stel neven. Mijn moeder heet ook Arendje (K X p.1)  maar werd Rens genoemd. Onze oudste dochter heet ook Arendje maar wordt Arenda genoemd. Mijn grootmoeder Vreugdenhil (K X p) heette Lena Klapwijk (en werd Leens genoemd), en ik ben daar ook weer naar genoemd en vier nichten ook weer (Lenie of Leny).

Weer een stukje familie geschiedenis.”  Leuk, deze informatie! In het oranje stamboomboek is deze familie te vinden op blz. 243 en blz. 260.

Huibrecht Vreugdenhil zegt oude liefde vaarwel!

huub_vreugdenhil_001
Huib Vreugdenhil (K XI v)

Ooit gehoord van een dahliavirus? Die bloem stond centraal in een programmaboekje voor de 27e Nationale Zomerbloemen-tentoonstelling die in Naaldwijk plaatsvond. De man die besmet was met het virus is Huib Vreugdenhil (K XI  v) , een 92-jarige tuinder in ruste uit Naaldwijk. Een leven lang stekken en kweken en het bleef maar kriebelen. Ook toen eens omstreeks half mei zijn stekken het na een nachtje nachtvorst  lieten afweten. Huib zal het stukje over hem in het boekje vast  leuk gevonden hebben maar -evenals wij-  moeite gehad hebben met de slotzin: “.. dat het tijd werd om zijn oude liefde, dahlia’s kweken, in de wilgen te hangen…”.

Tuinder in ruste… Tegenwoordig woont Huib Vreugdenhil, tuinder in ruste, in Naaldwijk. Al op jonge leeftijd was Huib Vreugdenhil gegrepen door het dahliavirus. Hoewel het telen van groente ook tot zijn expertise behoorde, bleek voor de toen 17-jarige oud-Lierenaar de passie voor bloemen toch groter te zijn.

Het moestuintje van het ouderlijke huis in de Oostbuurt in De Lier was als eerste het toneel voor soms wel 24 verschillende soorten Dahlia. We praten dan over de jaren voor de Tweede Wereldoorlog. Als lid van de Nederlandse Dahliavereniging ging zijn hobby zo ver dat hij zelfs in de oorlogsjaren met showdahlia’s deelnam aan wedstrijden, zelfs tot Amsterdam toe. Hoe die dahlia’s daar dan kwamen…?

Toen er in mei 1945 een einde aan de oorlog kwam, was het Huib toch nog gelukt om wat dahliastekken op te kweken. Zo kon hij in het najaar, toen bloemen nog schaars waren, menig huiskamer opfleuren met zijn dahlia’s; een geweldige prestatie die ook goed is beloond.

Als tuinder heeft Huib veel producten geteeld: van aardbeien, tomaten tot komkommers. Freesia is echter het product dat hij het langst heeft geteeld. Huib heeft een voorkeur voor bloemen die roze van kleur zijn. Roze dahlia’s vindt hij daarom dan ook prachtig en vooral aan Dahlia ‘Gerrie Hoek’, uit 1943, heeft hij zijn hart verpand.

Het kweken van Dahlia bleef Huib naast zijn werk doen, soms een paar jaar niet, maar het bleef steeds kriebelen. Wanneer hij dacht te zijn gestopt, kreeg hij vaak weer stekken cadeau. Dan kon hij het toch weer niet laten om er mee aan de gang te gaan.

Zelf stekken vindt Huib ook erg leuk. Het is wel een secuur werkje, waarbij aandacht voor het jonge plantgoed essentieel is; krantje er over als de zon te hard schijnt, druppelslang erbij en ga zo maar door. Waarnemen is hierbij erg belangrijk en op blijven letten! Soms was hij ook wel eens overenthousiast. Zo zette hij eens rond 10 mei zijn stekken buiten; een nachtvorstje er over heen en weg stek! Maar al doende leert men!

Naar de mening van deze krasse en jong ogende 92-jarige is het nu tijd om zijn oude liefde, dahlia’s kweken, aan de wilgen te hangen. Diverse redenen zijn hier debet aan. Huib kijkt met plezier terug en misschien, heel misschien kan hij het toch nog niet laten….

Ria Vreugdenhil “Over de naam Vreugdenhil”

happy-hill_001In de jaren 1990/1991 en ook nog wel later is regelmatig in de Vreugdeschakel over de naam Vreugdenhil geschreven en de variaties op en verbasteringen van deze mooie naam. Voorbij kwamen bijvoorbeeld: Vreugde(n)heuvel, Vreugdevuur, Happyhill, Colline de la joie, enz.

Ria Vreugdenhil (K XI u.80) uit Oostvoorne schrijft in verband hiermee: “Ik werk als maatschappelijk werker bij Bureau Jeugdzorg. De aller leukste uitvoering van onze naam (ooit genoemd door een cliënt), wil ik u niet onthouden: ’ Vreugdehulp’”.

En verder: Ik werk vanaf `74 in Rotterdam, nog altijd krijg ik vragen over ‘de directrice van een kinderhuis, een docent van een school voor voortgezet onderwijs, de delicatessenwinkel in de Karel Doormanstraat’, enz.!

Enthousiast roep ik dan “dat alle Vreugies familie zijn …”

Stefan Vreugdenhil “Uitgave van het boek Bevers”

stefan_vreugdenhil_004Stefan Vreugdenhil (K XII f.3), teamleider en lid van het managementteam van de Zoogdiervereniging, schreef samen met Jasja Dekker het boek ‘Bevers’.

Stefan Vreugdenhil woont met Bregje van Keulen in Driebergen samen met hun twee zoons, Lars (3 jaar) en Niels (geboren in juli 2012).

Na zijn studie Bos- en Natuurbeheer aan de Wageningen Universiteit heeft hij gewerkt bij het toenmalige Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Ook toen was hij al betrokken bij de Beverwerkgroep van de Zoogdiervereniging, n.l. als vrijwilliger.

stefan_vreugdenhil_003De Zoogdiervereniging
De Zoogdiervereniging is in 1952 opgericht als een platform voor iedereen met belangstelling voor zoogdierkunde en zoogdierbescherming. Geleidelijk heeft de Zoogdiervereniging zich ontwikkeld tot een professionele organisatie die mensen bijeenbrengt die actief kennis verzamelen, ontwikkelen en uitdragen, met als doel de actieve bescherming van zoogdieren en hun leefgebieden, zowel nationaal als internationaal. Naast de vele vrijwilligers en werkgroepen die actief zijn binnen de Zoogdiervereniging, is er het professionele bureau in Nijmegen.

Jaar van de Bever
De Zoogdiervereniging had 2012 uitgeroepen tot het ‘Jaar van de Bever’. De reden hiervoor was dat het weer erg goed gaat met de bever in Nederland en dat succesverhaal wilde de Zoogdiervereniging graag vertellen. Eén van de belangrijkste onderdelen van het beverjaar was de uitgave van het boek ‘Bevers’, dat is geschreven door Jasja Dekker en Stefan Vreugdenhil.

stefan_vreugdenhil_005

Het boek beschrijft de leefwijze van de bever en zijn geschiedenis in Nederland: van het doodslaan van de laatste bever bij Zalk in 1826, het weer terugbrengen van de bever in de Biesbosch in 1988 en de ontwikkelingen sinds die tijd.

Inmiddels komt de bever in grote delen van het land voor: naast de Biesbosch ook langs de grote rivieren, in de Gelderse Poort, in grote delen van Limburg, in Flevoland en sinds kort ook in Drenthe en Groningen. Het aantal volwassen bevers in ons land wordt geschat op zo’n 750 dieren. Verwacht wordt dat dit aantal zich binnen 10 jaar vertienvoudigt. Het zal dus steeds gemakkelijker worden om zelf bevers tegen te komen. In het boek zijn tips opgenomen om bevers te zien te krijgen. Vooral de sporen die bevers in het landschap achterlaten zijn erg herkenbaar: afgeknaagde bomen, dammen of burchten.

Doordat de aantallen flink zullen toenemen, neemt de kans op overlast ook toe. Zoals door het bouwen van dammen met wateroverlast op landbouwpercelen of door het graven in dijken. Gelukkig is overlast voor een groot deel te voorkomen. Maar bovenal is de bever een verrijking voor de Nederlandse natuur, want veel andere soorten profiteren van de aanwezigheid van de bever.

stefan_vreugdenhil_002Het boek ‘Bevers’ geschreven door Jasja Dekker en Stefan Vreugdenhil is verkrijgbaar voor € 19,95 via www.zoogdierwinkel.nl en met uw aankoop steunt u de Zoogdiervereniging.

De redactie van de Vreugdeschakel heeft met plezier kennis genomen van de activiteiten van Stefan en wenst hem succes met zijn werk voor de Zoogdiervereniging en samen met zijn gezin veel geluk!

Janneke Vreugdenhil schrijft in de NRC-bladen over eten, drinken

janneke_vreugdenhil_10
Janneke Vreugdenhil (K XI bk.2)

Wie ook continu in de publiciteit is Janneke Vreugdenhil (K XI bk.2), die elke maandag in de NRC-bladen over eten, drinken en alles wat daarmee te maken heeft schrijft. In een editie van HP/De Tijd van wat oudere datum lazen wij dat ze sukkelt met haar evenwichtsorgaan. Zegt ze: “De eerste maanden kon ik niets meer, alleen maar op de bank liggen. Ik was permanent duizelig alsof ik tien wodka`s had gedronken of de hele dag door in een draaimolen zat”. Ze kon niet meer achter de computer zitten en schrijven. Hoewel de aandoening waarschijnlijk nooit meer helemaal over zal gaan, voelde ze zich gelukkig steeds beter .”Je kunt de hersenen trainen dat functieverlies tot op zekere hoogte te compenseren en daar ben ik nu mee bezig”. Ze vertelde ook het liefst voor mannen te koken. “Die eten veel fysieker, met hun hele lijf. Vrouwen kunnen mutserig doen met eten”.

Nel Vreugdenhil en Gerard v.d. Berg getrouwd

nel_van-den-berg-vreugdenhil_001
Nel Vreugdenhil (K XI r.1) en Gerard v.d. Berg

Getrouwd op 1 oktober 2012 te Ermelo:
Gerard v.d. Berg en Nel Vreugdenhil (K XI r.1).

Nel stuurde onderstaande trouwfoto en schrijft ons:
“Na 16 jaar samenwonen hebben we toch besloten om te gaan trouwen. We hebben een fantastisch mooie dag gehad, met kinderen en kleinkinderen. We hebben elkaar leren kennen op de dansvloer!”

Het bestuur feliciteert dit bruidspaar van harte met deze stap en wenst ze nog heel veel gelukkige jaren samen!

Bram en Els Vreugdenhil zijn benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau

ridder_001Bram en Els Vreugdenhil (K XI bl) uit Maassluis zijn benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau tijdens de jaarlijkse lintjesregen in april dit jaar. Burgemeester Koos Karssen reikte de Koninklijke Onderscheidingen uit tijdens een feestelijke bijeenkomst op het stad-huis.

Bram en Els zamelen al jaren voedsel-pakketten in voor de armste inwoners van Beregszász in Oekraïne. Zij brengen die eens in het jaar naar dit land. Uit deze actie is een stedenband tussen Maassluis en Beregszász ontstaan.

Het bestuur van de familiestichting Vreugdenhil is trots op deze familieleden en feliciteert ze van harte met deze onderscheiding!