Agent Daniël Vreugdenhil in nieuw uniform

daniel_vreugdenhil_001
Het nieuwe uniform van de politie Rotterdam Rijnmond werd vandaag aan agent aan de Boezembocht uitgedeeld. © Frank de Roo.

De eerste politieagenten van de eenheid Rotterdam hebben vandaag hun nieuwe uniform gekregen. De reacties zijn ronduit positief. ‘Dit is precies wat we nu nodig hebben,’  zegt agent Daniël Vreugdenhil uit Maassluis.
‘Het uniform is veel geschikter voor het werk op straat. Neem de oude broek. Die stof was zo dun, daar scheurde je zo uit.’ Het uniform heeft ook meer uitstraling vindt hij. ‘Het is stoerder. Als je dit draagt, komt er echt iemand aanlopen.’ Over twee weken moeten alle 3500 agenten in de regio in het nieuw zijn gestoken.

Jochem Vreugdenhil “Maassluis op de kaart”

jochem_vreugdenhil_002
Jochem Vreugdenhil ontvangt Gertjan van de Velden (rechts) samen met de eerste bezoeker Jan Anderson (links)

Afgelopen zaterdag is de landkaarten tentoonstelling: “Maassluis op de kaart” geopend door Gertjan van de Velden. De hele zaterdag en zondag was er veel belangstelling voor de expositie. Aankomend weekend is de expositie weer geopend van 13.00 uur tot 17.00 uur in het Douanehuisje in Maassluis.

Zaterdag 8 maart is er naast de vaste expositie landkaarten een aantal documenten en afbeeldingen te zien over baggerwerkzaamheden door de eeuwen heen van Jochem Vreugdenhil. Het oudste stuk is uit 1595.

Op zondag 9 maart is er naast de vaste expositie een tiental kaarten te zien van de luchtoorlog 1940 – 1945. Dit zijn uiterst zeldzame kaarten van de Royal Air Force en Luftwaffe uit de collectie van www.stafkaart.net  Vanaf 13.00 uur, zal om het uur een korte lezing gegeven worden over deze kaarten.

Onderstaand een foto van een aantal kaarten van RAF en Luftwaffe: er zitten “vuile” kaarten tussen met aantekeningen die ook echt in de cockpit gebruikt zijn.

jochem_vreugdenhil_003

Sandra Mulder-Vreugdenhil ”Goed onderwijs is de basis”

sandra_mulder_vreugdenhil_002

Een veilig Maassluis met meer blauw op straat
Veiligheid staat centraal bij de VVD. Maassluis is van de inwoners en niet van criminelen. De politie moet daarom goed zichtbaar zijn en de wijkagent de verbinding met de inwoners. Initiatieven zoals buurtwachten moeten gestimuleerd worden. Cameratoezicht ben ik een voorstander van. Vernielingen en geweld moet met een “lik op stuk” beleid worden aangepakt.

Lage gemeentelijke belastingen
Maassluis heeft gelukkig op tijd de financiën op orde gekregen, daar waar andere gemeenten daar nog aan moeten beginnen. Het is belangrijk dit op orde te houden en te verstevigen, zodat we de lokale belastingen zo laag mogelijk kunnen houden. Daar zet ik mij graag voor in.

Goed onderwijs en vrije schoolkeuze
Goed en passend onderwijs is de basis voor kinderen/jongeren om zich te kunnen ontplooien en zelfstandig een toekomst op te bouwen. Maassluis heeft reeds goede stappen gezet in oa het openen van het eerste Integrale Kind Centra. Door continu het onderwijs in Maassluis te blijven stimuleren kunnen we kwalitatief en goed passend onderwijs bieden. Dat is immers de basis.

Sandra Mulder-Vreugdenhil:
Graag wil ik mij hierbij aan u voorstellen. Mijn naam is Sandra Mulder-Vreugdenhil. Ik ben getrouwd met Roelant Mulder en wij hebben samen een prachtige zoon Thomas van ruim 5 jaar oud.

Als geboren en getogen Maassluise woon ik alweer bijna 42 jaar in Maassluis. En ik kan zeggen met heel veel plezier. Maassluis zit in mijn bloed. Ik kan me ook geen andere woonplaats dan Maassluis voorstellen. Ik ben geboren in de Frederik Hendrikstraat in Oost. Nadat de Steendijkpolder gebouwd was, ben ik met mijn ouders en jongere zus naar Maassluis West verhuisd. Toen ik zelfstandig ging wonen werd het de Vogelwijk en daar woon ik nu 20 jaar volledig naar mijn zin.

Na de Egmond Mavo heb ik een secretariële opleiding gevolgd via het KMBO. Hierna ben ik aan het werk gegaan en heb lang bij een gevolgmachtigd assurantiekantoor is het Westland gewerkt. Daarna heb ik 3 jaar bij het Algemeen Secretariaat, het partijbureau van de VVD gewerkt als Office Manager. Een veelzijdige baan waarin je de partij en de Haagse politiek van heel dichtbij meemaakt.

Arnout Vreugdenhil de bierbrouwer

arnout_vreugdenhil_002Maassluise biertje slaat aan!

Eind oktober was het dan eindelijk zo ver, Maassluis heeft haar eigen bier. Onder grote publieke belangstelling nam Burgermeester Koos Karssen een eerste grote fles Monstersche Sluis Bier in ontvangst. Uit handen van Joram de Raaf een van de drie Maassluise bierbrouwers ontving ook Hans de Bruin voorzitter van de Furieade een mooie fles. Joram overhandigd de eerste fles aan de burgermeester De bierbrouwers Joram de Raaf, Nico Bot en Arnout Vreugdenhil hebben in samenwerking met de Stichting Monstersche Sluis een bier ontwikkeld door en voor Maassluisers. Een deel van de opbrengst van dit bier in fles of van het vat gaat naar de stichting die zich inzet om de sluis weer open te krijgen. Tijdens de sponsorborrel zijn de drie grote flessen bier voor bedragen van rond de 200 euro per fles van de hand gegaan. Burgermeester Karssen was zo enthousiast tijdens deze borrel dat hij zijn fles ook inbracht voor de veiling. Ook deze fles bracht een enorm bedrag op voor de Monstersche Sluis. In de ontwikkelingsfase hebben de brouwers er voor gezorgd dat middels twee proefronden er een bier ontwikkeld kon worden wat breed gedragen word door de Maassluise inwoner. Nico: Er is op deze manier een bijzonder bier ontstaan dat een breed draagvlak heeft bij ondernemers en bierdrinkers.Naast slijters en horecabedrijven nemen ook gewone bedrijven het bier af. Zij gebruiken het als relatiegeschenk. Bij Biercafé Oporto is dit bier van het vat te verkrijgen en bij het Drankenkabinet uit de fles. Diverse restaurants zullen in de komende tijd een diner samenstellen waarbij dit unieke bier als bestanddeel gebruikt zal worden. Cateraar Smaak en Meer heeft inmiddels het eerste recept ontwikkeld. Dit recept een zuurkoolschotel met dit Maassluise bier is terug te vinden in een folder welke op diverse plekken in Maassluis is af te halen. Bert de Reuver voorzitter van de Stichting Monstersche Sluis is een trots en blij man.Dit product zet niet alleen Maassluis op de kaart, maar is ook een prachtige promotie voor onze stichting en brengt op een leuke manier geld op.Ook Burgermeester Karssen is trots en zal gaan proberen om ook namens de gemeente het Monstersche Sluis bier te promoten. Bij brouwer Arnout Vreugdenhil is de twijfel of het bier zou aanslaan inmiddels volledig verdwenen. Het was voor ons een sprong in het diepe maar ik denk dat er na de Furieade van de 750 liter bier niet zo veel meer over zal zijn. De enorme vraag vooraf is voor ons aanleiding geweest om al een start te maken de volgende 750 liter te brouwen.

Kijk verder op de website van de Brouwerij: Raven Bone Hill

Paul en Inge Vreugdenhil uit Maassluis

In Maassluis wonen Paul en Inge Vreugdenhil-Verhoog (N X al). Uit het fotoalbum van Paul zijn foto’s gehaald om met u te delen. We zien een jonge Paul op de foto’s opgroeien naar zijn huidige status als opa.

paul_vreugdenhil_001Met zijn moeder Huiberdina Elisabeth van Dorp

 

 

 

 

 


paul_vreugdenhil_002

Paul als kleuter

 

 

 

 

 

 

 


paul_vreugdenhil_003Met vader Arie Vreugdenhil (N IX m) en van links naar rechts Paul, Jan (N X am) en Heleen (N IX m.1). Een bijzondere foto met vader Arie die meestal zelf fotografeerde en zo op weinig foto’s staat.

 

 

 


paul_vreugdenhil_004

Paul op de technische school

 

 

 

 

 

 

 


paul_vreugdenhil_005Het gezin van links naar rechts Sophia, Inge met op schoot Erik en daarnaast Ronald.

 

 

 

 

 

 


paul_vreugdenhil_006

Vier generaties van links naar rechts kleinzoon Alèc, dochter Sophia, moeder Huiberdina Elizabeth en Paul zelf

 

 

 

Arend Vreugdenhil helpt Roemeense tuinbouw

arend_vreugdenhil_004Al jaren brengt Arend Vreugdenhil in Maassluis oude, afgeschreven werktuigen, machines en kasjes naar Roemenië voor een tweede leven. Hij leert de bevolking efficiënter boeren en tuinen. Daarmee brengt hij niet alleen de land- en tuinbouw in Roemenië op een hoger peil. Ook de mensen groeien in hun bestaan.

arend_vreugdenhil_005

Roemenië
In 1988 ging Arend Vreugdenhil in Maassluis op verzoek van de Gereformeerde Kerk met Westlandse jongeren voor een werkvakantie naar Hongarije. Zijn liefde voor Oost-Europa was daarmee geboren. Vier jaar later, weer op verzoek van de kerk, voerde de reis hem nog wat verder, naar Roemenië. Daar, in het na-revolutionaire land, leek het leven 50 jaar te hebben stilgestaan. “Ik herkende dingen vanuit mijn jeugd. Mijn vader was boer en ikzelf ben tuinder. Dan trekt de agrarische cultuur je aan. Ik vond wel dat het werk er beter moest kunnen. Eenvoudiger en fysiek minder zwaar.” Sindsdien helpt hij in Roemenië de land- en tuinbouw vooruit, door er allerlei machines en apparatuur heen te brengen.

arend_vreugdenhil_006

Kassenproject voor jeugd
Wat Vreugdenhil in Roemenië het meest opviel, waren de beperkte toekomstmogelijkheden voor de jeugd. “De kinderen gaan soms weinig naar school en staan op hun zestiende al met een zeis enorme oppervlakten te maaien. Van de opbrengst kunnen ze nauwelijks leven.” Op verzoek van de dominee van een dorpje in de buurt van Sovata, in het westen van Roemenië, startte hij voor de jeugd een kassenproject. Dat zou hen een bestaan kunnen geven. Vreugden-hil stuurde er een boogkasje van 20 meter heen. Plaatselijke aannemers maakten het na en bouwden er vijf van 50 meter lengte. Het benodigde plastic werd vanuit Nederland gesponsord. Bij een collega liep Vreugdenhil toevallig tegen een oude freesmachine aan. “Toen ik zei dat ik daar wel een goede bestemming in Roemenië voor had, kreeg ik ‘m direct mee.”
Zijn initiatieven leidden ertoe dat de plaatselijke bevolking er weer zin in kreeg. De plaatselijke kerk verhuurt de kasjes nog steeds aan jonge ondernemers, die hun producten verkopen op de markt in Sovata.

 arend_vreugdenhil_008

 Oud glazen kasje
Na een aantal jaren zag Vreugdenhil het enthousiasme van de jonge Roemenen verminderen. Ze zagen het zware werk toch niet zo zitten. Slechts een paar hielden er plezier in, waaronder een vrouw met écht groene vingers. Zij werd zetbaas in een van de kasjes en begon met een komkommerteelt, maar die verzoop door hevige regenval. “Ik zag dat ze het in de vingers had en echt geïnteresseerd was. Daarom beloofde ik haar goed tomatenzaad mee te nemen.” De teelt leverde een geweldige productie en ze verdiende er goed aan. Omdat de kerk daarop de huurprijs van de kas verhoogde, wilde ze graag een eigen kasje, maar zonder hulp zou dat niet lukken. Vreugdenhil vond in Maasland een oud glazen kasje van 400 vierkante meter en liet in Roemenië ter plekke zien hoe het moest worden opgebouwd. “Met elkaar hebben ze dat toen gedaan.“ Inmiddels werken er op haar bedrijfje zeven personen en eten er evenzoveel gezinnen van. “Laatst vroeg ze om potten, maar die moet ze van me kopen. Ook dat hoort bij ondernemen. Een tweedehands schermdoek krijgt ze wel van me, omdat ze daar weer van kan leren. Het scherm is zowel ‘s zomers als ‘s winters te gebruiken. Ze openen en sluiten het met de hand.”

 arend_vreugdenhil_007

Gezicht laten zien
Een andere Roemeense dominee vroeg Vreugdenhil iets te doen voor de landbouw. “Dat zag ik eerst niet zitten, maar toen ik wat oudere, grotere machines op de kop kon tikken, ging ik er toch op in.” Zo bracht hij een aardappelpootmachine naar Roemenië. “Buren kwamen verrast kijken hoe mooi het poten ging en wilden de machine allemaal gebruiken.” Ook bracht hij er een spuittrekker, andere trekkers en frezen heen. “Eigenlijk ben ik altijd materieel aan het ‘bietsen’. Gemiddeld rijdt hij jaarlijks twee keer naar Roemenië, meestal als zijn venkelteelt in de kas halfwas is. Hij repareert er dan eventueel een en ander en hij laat zijn gezicht zien. “Dat is nodig om de mensen zuinig te laten omspringen met de apparatuur. Anders laten ze de machines gewoon in het onkruid op het land staan.” Roemenië is de specialiteit van Vreugdenhil geworden. “Ik zit in de Oost-Europacommissie van de kerk, maar die is voornamelijk in Oekraïne bezig. Ik doe Roemenië en vertel mijn verhalen.” De kerk steunt zijn werkzaamheden niet financieel. Met zijn werk hoopt hij dat hij de Roemenen nog een aantal jaren wat vooruit kan helpen bij hun ontwikkeling. Daar doet hij het voor. En om te zien hoe ze bij zijn vertrek achterom kijken en hun duim opsteken! “Dat maakt me blij. Dat hoop ik te bereiken; mensen plezier in het leven te geven.”

Kees en Pieter Vreugdenhil “een onvergetelijke reis met onverwacht resultaat”

Runners make their way through Queens duDe aankoop van het familiewapen voor zijn zoon Pieter, de aansporing van onze secretaris om een reisverslag te maken en het artikel in het februarinummer 2003 van de Vreugdeschakel over joggen en kanker, waarin ook de marathon van New York ter sprake kwam, vormden aanleiding voor Cornelis ( Kees )Vreugdenhil ( N X ak) uit Maassluis om zes blocnotevelletjes over zijn trip naar New York vol te schrijven. Een samenvatting van Kees’ belevenissen treft u hieronder aan.

Zoon Pieter (toen 32 jaar) komt vorig voorjaar thuis in Maassluis met een inschrijvingsformulier voor de marathon van New York op de proppen en vraagt zijn vader Kees (66) of hij met hem mee wil gaan. Mede door het aandringen van moeder Betty (60) -zelf zegt ze niet mee te zullen gaan omdat zij per se niet wil vliegen- wordt besloten deel te nemen aan een door radio Rijnmond georganiseerde groepsreis met o.a. verslaggever Hans van Vliet. Zo luidt de inleiding van Kees Vreugdenhils reisverslag. Hij laat ook nog weten, dat hij de looptrainingen van zijn zoon gaat bekijken en aan de voorbesprekingen voor de reis zal deelnemen.

Handelen in de geest van moeder Betty
Maanden later gebeurt er iets verschrikkelijks: als gevolg van een acute hartstilstand overlijdt Kees’ echtgenote Betty op 17 augustus. Het echtpaar is net weer thuis van een fietsvakantie in Oostenrijk. Er volgen turbulente weken. En dan komt onvermijdelijk -je kunt het niet vooruit blijven schuiven- het moment waarop antwoord moet worden gegeven op de vraag hoe het nu moet met die geplande reis naar New York. Kees Vreugdenhil schrijft er dit over in zijn reisverslag: ‘Het gezin sprak er openlijk over en kwam tot de conclusie dat in de geest van moeder Betty zou worden gehandeld als de reis zou doorgaan’. Weliswaar komt Pieter nog met bezwaren omdat hij vindt zich als gevolg van alle beslommeringen niet goed te hebben kunnen voorbereiden, maar vader Kees zegt, dat Pieter zich voor hem niet heeft te bewijzen. `Als jij de finish haalt, is dat voor mij voldoende!’ verzekert hij zijn zoon.

Op maandag 28 oktober vorig jaar belt Pieter ’s nachts om tegen half drie zijn vader met de begroetingskreet: ‘Good morning, this is your captain’. Via dochter Ingeborg die de heren weg zal brengen, arriveren vader en zoon bij het Novotel in Rotterdam en vandaar gaat het verder met de bus naar Schiphol. Met een vertraging van een uur stijgt het vliegtuig op om iets over negen uur plaatselijke tijd. De landing in New York vindt plaats om even na elf uur, eveneens plaatselijke tijd. (Het tijdsverschil bedraagt 6 uur). Na een als eerste kennismaking bedoelde rondrit door de stad stopt de bus bij het hotel Hampton Inn. Kees vermeldt dat er een welkomstborrel wordt aangeboden in Chi Chi, waar ook een maaltijd wordt gebruikt. Later in zijn verslag legt hij uit, dat Chi Chi het restaurant is waar lopers en supporters dagelijks ontbijten, waar de gehele groep (203 personen) kan dineren en waar de programma’s over de reis van Radio Rijnmond voor het thuisfront worden gemaakt.

Vader Kees en zoon Pieter aan de Hudson met de sky line van New York op de achtergrond. Centraal staat het Empire State Building. Na een extra lange nachtrust moet Pieter die niet geheel fit is, last van z`n keel heeft en zich wat grieperig voelt, de volgende morgen al om 06.30 uur opstaan voor de eerste training. Hij gaat er wel heen maar komt hoestend terug. In zijn verslag geeft Kees Vreugdenhil uiting aan zijn verbazing over het enorme assortiment waaruit het Amerikaanse ontbijt bestaat. Er worden die morgen radioprogramma’s opgenomen en daarna staat er een excursie met deskundige, Nederlands gesproken begeleiding en een boottocht op het programma. Met name Ground Zero, waar tot voor kort de Twin Towers stonden, Wall Street en China Town waar -zo deelt Kees mede- 80.000 Chinezen wonen, maken de grootste indruk op de schrijver van het reisverslag.

De volgende morgen -weer vroeg- gaat vader Kees met zoon Pieter mee om de training te filmen. Later gaan de beide heren de startnummers voor de zg. Friendships Run van zaterdag en voor de marathon (plus chip) van zondag afhalen. Weer een tijd later staan ze beiden in de lift op weg naar de 86′ verdieping van het Empire State Building. `Groots’, noemt Kees het uitzicht ondanks de nevel die boven New York hangt. Vervolgens gaan vader en zoon shoppen in wat Kees aanduidt als ‘het grootste winkeltje van de wereld, Macys.’ Kees komt bij wijze van spreken superlatieven te kort: `Geweldig!’ Het is tijd daarna voor een flinke wandeling op 7th Avenue. ’s Avonds -na een lopend warm buffet- is er een Hollandse avond georganiseerd in het hotel. ‘Maar’, meldt Kees, ‘dat vonden we maar niets. We zijn onze indrukken gaan verwerken. Tot nu toe is het een fijne reis maar het is aan te raden te proberen onze gedachten te ordenen’.

Verslag door een blije en trotse vader
Het is inmiddels donderdag geworden, een vrije dag. `De eerste’, stelt Kees Vreugdenhil vast. Vader en zoon maken wandelingen, genieten van het fraaie herfstweer, shoppen wat, sturen een e-mail naar Vlaardingen, zitten lekker te eten en concluderen, er weer een dag voorbij is en dat het allemaal toch wel erg snel gaat.’ Ook de volgende vrijdag is een vrije dag, die o.m. besteed wordt aan het brengen van een bezoek aan de St. Patrick Cathedral. Citaat van Kees: ‘We gaan erheen om er een lichtje aan te steken zoals wij altijd deden als we in het buitenland waren. Een lichtje voor al mijn kinderen en kleinkinderen maar no in de eerste plaats voor mijn vrouw, voor ma, voor oma. Een stil moment in zo’n wereldstad’. Vader en zoon lopen die dag ook o.a. over Broadway, door het Central Park en bezoeken een museum. `Prachtig!’ becommentarieert Kees.

Zaterdag 2 november is aangebroken. Opstaan om 05.30 uur. Wat later die ochtend allemaal verzamelen bij de bus die het gezelschap naar de tuin van het gebouw der Verenigde Naties brengt. Daar vindt om 08.30 uur de start plaats van de Friendships Run. Wie doen er mee? `Wij allemaal,’ meldt Kees. ‘Alle niet Amerikanen kunnen en mogen aan deze race meedoen en dat waren er vandaag meer dan 10.000. Hardlopend, joggend, wandelend (ook Pieter in verband met het filmen), dwars door New York naar de finish in het Central Park. Een onvergetelijke happening! Al het verkeer stond stil op de te passeren kruispunten met een stokijnse agent ervoor’. ’s Avonds gaan vader en zoon aan de pasta voor de marathon `waar’, tekent Kees op, `de hele reis om begonnen was.’ Alles wordt klaar gelegd voor de volgende dag, de tas ingepakt, snel nog even naar de bijeenkomst waar de laatste instructies voor de lopers worden gegeven en dan vroeg naar bed: 21.00 uur

New York-New York!
En dan de grote dag: zondag 3 november. Normaal’, schrijft Kees in zijn reisverslag, `sta ik zondags om 08.00 uur op om om 09.30 uur in de kerk te zijn. Maar nu is het anders. We staan om 06.45 uur op. Om 08.15 uur worden de lopers uitgezwaaid door de supporters’. Pieter gaat starten met als inzet een halve marathon te lopen of tot het 28 km-punt om een indruk te hebben van hoe het in New York tijdens zo’n marathon toegaat. Uit Kees’ verdere verslag blijkt, dat Pieter veel later dan 11.00 uur start omdat er 30.000 lopers moeten gaan beginnen aan hun race. Maar…. Pieter meldt zich fris van geest met wat lichte krampverschijnselen om 14.50 uur op het 28 km-punt. Hij eet er wat, hij drinkt er wat en vervolgt zijn marathontocht: hij ziet wel wat er gaat gebeuren. En om 15.40 uur gaat Pieter de finishlijn over. Totaal onverwacht. Kees meldt in zijn verslag: ’n Geweldig moment toch voor een Loper um dat voor de eerste keer mee te maken!’ De dolgelukkige Pieter is alle spierpijn en vermoeidheid gauw vergeten. Er is feest in het hotel ’s avonds en er is Lee Towers die zingt: New York-New York!

Aan alles komt een eind. Maandag 4 november 2002 , laat in de middag, vliegen ze terug naar Schiphol. ‘Een onvergetelijke reis’, concludeert Kees, `vol indrukken. Een reis met een toch nog onverwacht resultaat van een van mijn kinderen. Een reeks belevenissen waarvan verslag is gedaan door een blije en trotse pa met een vroege instemming van en opgedragen aan ma!’