André Vreugdenhil “Ik wil naar de top en weet dat het kan”

André Vreugdenhil, de Westlander in Belgische dienst.

André Vreugdenhil, de Westlander in Belgische dienst.

SCHAATSEN

Hoogte- en dieptepunten volgden elkaar dit jaar in rap tempo op voor schaatser André Vreugdenhil. Aan de ene kant was er euforie vanwege het uitstekend verlopen EK en een prima contract bij DSB. Aan het WK mocht de Honselersdijker echter niet meedoen en momenteel is hij geblesseerd. Een terugblik op een bewogen schaatsjaar. Op de ijsbaan mag Andre Vreugdenhil dan Belg zijn, in zijn doen en laten is en blijft hij een échte Westlander. De 24-jarige schaatser wordt momenteel gekweld door een knieblessure en kan slechts met fietsen zijn conditie op peil houden. Om de tijd door te komen assisteert hij zijn vader op diens bedrijf. Vreugdenhil kijkt het grootste gedeelte van de dag naar chrysanten in plaats van naar blinkend kunstijs.

“Er zit een scheurtje in een pees boven mijn knie”, verklaart Vreugdenhil, zittend aan de eettafel in zijn ouderlijk huis in Honselersdijk. “Ik ben er eerder door teruggekomen uit Erfurt, waar we met de ploeg in trainingskamp zaten. Fietsen op een home-trainer was het enige dat ik daar kon doen, dus dat schoot totaal niet op. Ik zat maar een beetje op mijn hotelkamer naar films te kijken en daar werd ik gek van. Kan ik beter thuis mijn conditie op peil houden en mijn vader helpen in de tuin. Dat werkt ontspannend voor me.”
Alsof André Vreugdenhil afgelopen jaar al niet genoeg ellende over zich heen heeft gekregen, komt er nu weer een blessure bovenop. Nieuw is de kwetsuur echter niet, want de onwillige knie speelt hem al sinds de zomer parten. “De pijn komt in fasen”, verduidelijkt hij. “Soms voel ik het een tijdje niet en een paar weken later speelt het weer op. Het werd in Erfurt steeds erger en verhinderde me om pijnvrij te schaatsen. Ik heb geen idee hoe lang het nog gaat duren, maar ik moet voorlopig rust houden.”
Het afgelopen schaatsseizoen was er voor Vreugdenhil een met hoge pieken en diepe dalen. Het kalenderjaar 2002 was nog geen week oud of de Honselersdijker, toen nog uitkomend voor de Wehkamp-ploeg van Bart Veldkamp, eindigde op het EK Allround in Erfurt op de zesde plaats in het eindklassement. Op de 500 meter pakte hij zelfs het brons, waardoor hij plotsklaps flink steeg in de hiërarchie van het mondiale schaatsen. De ‘schaatsbelg’ hoorde erbij en tegenstanders beseften dat met Vreugdenhil niet te spotten viel.

Verrassing
“Die derde plaats was top, maar die zesde plaats in de eindrangschikking was natuurlijk ook super”, zegt Vreugdenhil. “Niemand had het verwacht. Het kwam ook voor mij als een verrassing, al wist ik dat ik voor een allrounder over een goede sprint beschik. Het was bovendien een goede voorbereiding op het WK allround in Heerenveen.”
Maar dat avontuur liep voor Vreugdenhil uit op een regelrechte nachtmerrie. Met zijn zesde plaats voldeed hij ruimschoots aan de gestelde eisen, maar omdat Bart Veldkamp in Erfurt als dertiende eindigde, en België maar een startbewijs voor Heerenveen in de knip had, moest er een keuze worden gemaakt. Veldkamp gunde aanvankelijk het startbewijs aan zijn ploegmaat, omdat de Hagenaar niet alleen op het EK teleurstellend presteerde, maar op de Olympische Spelen in Salt Lake City opnieuw geen potten kon breken.
Die Olympische Spelen mocht Vreugdenhil overigens niet rijden, omdat hij niet tijdig over het benodigde Belgische paspoort beschikte. Over het missen van ‘Salt Lake’ kon de Westlander, die over een postadres op het grondgebied van onze zuiderburen beschikt, zich redelijk eenvoudig heen zetten. Aan de bureaucratie valt immers niet te tornen en het document was er nou eenmaal niet.
Maar over het feit dat Veldkamp het startbewijs voor het WK toch nog opeiste en de Belgische schaatsbond hem vervolgens nog steunde ook, is Vreugdenhil lange tijd verbolgen geweest. “Ik hield er een enorm rotgevoel aan over. Op het EK reed ik immers veel beter dan Bart. En op de spelen presteerde hij ook niets”, zegt Vreugdenhil nu. “Maar ik heb het zou gauw mogelijk naast me neer gelegd. Vergeten doe ik het nooit, maar ik heb Bart optimaal gesteund in zijn voorbereidingen. We hebben samen getraind en dat was verder geen enkel probleem. Ik spreek Bart nog regelmatig en we gaan nu gewoon goed met elkaar om.”

Geldschieter
Na het missen van het wereldkampioenschap ontbrak het Vreugdenhil vervolgens ook nog eens aan een ploeg. Sponsor Wehkamp hield het voor gezien en omdat er zich geen andere geldschieter aandiende, ging Veldkamp alleen door en kwam Vreugdenhil samen met de Russen Sajoetin en Kibalko, de Noor Storelid en Marnix ten Kortenaar (uitkomend voor Oostenrijk) op straat te staan. “Dat waren even spannende tijden”, blikt Vreugdenhil terug. “Want ja, waar moet je naartoe? Ik ben toen zelf op zoek gegaan en kwam via een vriend bij DSB terecht. Daar heb ik in juni een eenjarig contract getekend. Een goed contract, vind ik zelf. Dat, én het uitstekend verlopen EK zijn mijn hoogtepunt van het afgelopen jaar.”
Vol goede moed keek Vreugdenhil de afgelopen tijd alweer uit naar het nieuwe schaatseizoen. Hij was standvastig om te gaan vlammen in het pak van DSB. Totdat de pijn in zijn knie ondraaglijke vormen ging aannemen. Maar ondanks alle lichamelijke en andersoortige ongemakken, heeft de 24-jarige Honselersdijker (zondag wordt hij 25) het gevoel dat hij langzaam naar de top kruipt.