André Vreugdenhil grote surprise

andre_vreugdenhil-004

Verrassing in Erfurt  

Bij het ingaan van de tweede dag van het Europees kampioenschap schaatsen in Erfurt vormen twee Nederlanders de top van het klassement, maar slechts de leider werd daar ook verwacht. Jochem Uytdehaage legde gisteren op de 500 meter en vijf kilometer een solide basis voor de eerste Europese titel in zijn carrière, maar de grootste surprise was André Vreugdenhil, Westlander in Belgische dienst. Vreugdenhil verraste in de nieuwe Gunda Niemann-Stirnemann Halle in Erfurt vriend en vijand. De Wehkamp-rijder, net 24 geworden, had een pikstart op de 500 meter en finishte in 37.15. Goed voor een nieuw Belgisch record en een podiumplek (derde). Ook de 5000 meter reed hij naar behoren, waardoor hij in het tussenklassement na twee afstanden warempel op de tweede plaats staat.

Diep dal
Vreugdenhil, woonachtig in Honselersdijk, is een nieuwe naam op het internationale podium, maar niet volledig onbekend. Jarenlang was hij immers één van Nederlands grootste talenten. Vier jaar geleden werd hij – toen als lid van Jong Oranje – Nederlands allroundkampioen bij de junioren en eindigde hij op de tweede plaats op het WK voor junioren, net achter Jelmer Beulenkamp. Hij werd onder contract genomen door Sanex, maar in de ploeg van Rintje Ritsma kwam hij nooit tot wasdom. “Ik stond stil en ben in een diep dal beland”, vertelde hij gisteren.

Veldkamp
Na een seizoen in het klein North Face-team van trainer Luud Augustinus kwam hij twee jaar geleden in contact met Bart Veldkamp. Vreugdenhil nam net als de Wehkamp-kopman een Belgische licentie en kreeg een plaatsje in de ploeg, het begin van een fraaie opleving. “Iedereen had me al ver weggestopt of helemaal afgeschreven, maar ik ben in een hele goede ploeg terechtgekomen. Dankzij Bart ben ik nu waar ik ben.”
Het lijkt op voorhand onwaarschijnlijk dat hij zich zal handhaven in de top. Bart Veldkamp: “Hij heeft een goede 1500 meter in de benen, de tien kilometer moet hij nog leren rijden.”

Veredelde training
De routinier zelf – Veldkamp is bezig met zijn elfde EK – staat na de eerste dag dertiende en doet normaal gesproken niet meer mee in de top van het klassement. Veldkamp kwam pas donderdagavond laat vanuit Davos in Erfurt aan en gaf daarmee aan dat het EK voor hem niet meer dan een veredelde training is in de aanloop naar de Olympische Spelen.
Hetzelfde geldt voor Jochem Uytdehaage en Carl Verheijen, die met veel trainingsarbeid in de benen aan het toernooi zijn begonnen. Desondanks zit Jochem Uytdehaage na twee afstanden in een zeer luxe zetel met een glorieus uitzicht op goud.
Met een voor zijn doen goede 500 meter (vierde in 37.29) legde hij een stevig fundament, een gedegen 5000 meter (tweede in 6.37.63) deed de rest. Hij leidt de dans voor Vreugdenhil, Kibalko en Shepel.

Geen gevaar
Coach Gerard Kemkers deed er gisteravond niet moeilijk over. “Nee, ik zie in principe geen gevaar meer voor hem. Als hij een 1500 meter rijdt zoals hij dat kan, dan kan hij de tien kilometer op controle rijden.” De metrische mijl staat voor vanmiddag op het programma. Voor Uytdehaage geldt die rit ook als generale voor de skate-off in Heerenveen, waar hij vrijdag met Martin Hersman en Erben Wennemars gaat strijden om het laatste 1500 meter-ticket voor de Spelen.
Uytdehaage onderkent het gevaar van onderschatting, gezien zijn florissante perspectief. “Vooraf zei iedereen al dat ik Europees kampioen kon worden als ik naar behoren zou rijden. Dat klopt, maar je moet het eerst even doen. Vandaag lukte dat, de 1500 meter staat daar los van. Als ik morgen begin met de gedachte ‘We worden vandaag even Europees kampioen’, dan kan dat dodelijk zijn.”

Feestje
Het feestje van Kemkers kan morgenavond extra leuk worden als Carl Verheijen zich nog voorin meldt. De Leusdenaar won de vijf kilometer in 6.37.54 en staat na twee afstanden achtste, één plaatsje voor Jelmer Beulenkamp. Verheijen heeft echter veel rijders voor zich die een tien kilometer veel te lang vinden. Indien Verheijen zich alsnog bij de topdrie rijdt, maakt hij een goede kans om ook op het WK in Heerenveen uit te komen. Daaraan doen maximaal drie Nederlanders mee.
Als er geen wonderen gebeuren zal EK-debutant Rutger Elsinga, 21e na twee afstanden, zich immers niet bij de beste twaalf rijders voegen.